Verruiming vaargeul voltooid in 2010

maandag 20 december 2010

Op 24 december zijn de werken van de 3de verruiming van de vaargeul in de Westerschelde voltooid. Het einde van de werken werd in Antwerpen op 17 december 2010 aangekondigd door Vlaams Minister-President Kris Peeters, Minister van Havens Hilde Crevits en havenschepen Marc Van Peel. Door de verdieping is getij-onafhankelijke vaart voor schepen met een diepgang van 13,10m een feit.

Uitgevoerde baggerwerken
Op 12 februari van dit jaar werd het startschot gegeven voor de verdiepingswerken in de Westerschelde op Nederlands grondgebied. Sedertdien werden op 12 verschillende locaties, de zg. drempels op de Westerschelde, 7,7 miljoen m³ zand uit de vaargeul gebaggerd. De werkzaamheden op Belgisch grondgebied werden vorig jaar beëindigd : verdiepen van 2 drempels, creëren van een zwaaizone en de verbreding van de vaargeul over een afstand van ongeveer 5 kilometer. Voortaan wordt een getij-onafhankelijke vaart voor schepen met diepgang tot 13,10m gegarandeerd (voorheen 11,85m). Rekening houdend met een kielspeling van 12,5%, betekent dit een werkelijke minimum waterdiepte in de vaargeul van 14,7m.

Verbeterde Vaarmogelijkheden
Door de verruiming kunnen de schepen met een diepgang tot 13.10m op elk moment op- en afvaren. Voor schepen met een grotere diepgang worden de tijpoorten aanzienlijk ruimer. De tijpoort is de periode waarin een schip kan varen en waarbinnen er voldoende kielspeling is gedurende de volledige reis. Voor de opvaart betekent dit dat een schip met een diepgang van 14m nu een tijvenster heeft van 8u i.p.v. 5u. Bij de afvaart is dit 4u ipv 3u. Als gevolg van die grotere tijvensters kunnen er op eenzelfde tij meer schepen met grotere diepgang geschut worden.

Ontwikkelingsschets 2010: werken aan veiligheid, toegankelijkheid en natuurlijkheid van het Schelde-estuarium
De verdieping van de Schelde is een onderdeel van de Ontwikkelingsschets 2010. Die schets werd vastgesteld door de toenmalige Technische Scheldecommissie vanuit de ambitie om samen (Vlaanderen en Nederland) te werken aan een duurzame toekomst van het Schelde-estuarium. Op basis hiervan hebben de regeringen van Vlaanderen en Nederland beslissingen genomen over 26 projecten ter bevordering van de veiligheid, de toegankelijkheid en de natuurlijkheid van het Schelde-estuarium. De belangrijkste projecten uit de Ontwikkelingsschets werden vastgelegd in het desbetreffende Verdrag van 21 december 2005.

Uitvoering van de werken
De verdiepingswerken zijn uitgevoerd naar zee toe (van oost naar west). Op die manier was het al mogelijk om vanaf augustus het vaarreglement op de Schelde aan te passen en was het effect van de werkzaamheden al onmiddellijk zichtbaar.

De baggerwerken in de Westerschelde waren enkel nodig op 12 ondiepe zones: 9 drempels en 3 plaatranden. In totaal werd 7,7 miljoen m³ zand weggebaggerd. Deze baggerspecie werd teruggestort op 3 plaatranden in de Westerschelde, rekening houdend met de morfologische ontwikkelingen van de Schelde. Dit leidt tot nieuwe ecologische waardevolle gebieden aan Hooge Platen, Rug van Baarland en de Plaat van Walsoorden.

Kostprijs
De verdiepingswerken hebben Vlaanderen en Nederland samen 100 miljoen euro gekost. De verwachte economische baten worden 10 maal hoger ingeschat. Voor Vlaanderen worden de verwachte transportbaten tot en met 2030 ten gevolge van de derde verdieping van de Westerschelde geschat tussen 0,7 en 1,1 miljard euro.