Meer dan water
Het Schelde-estuarium is meer dan water. De zee en de rivier voeren ook zand en klei aan die bezinken in de estuariumvlakte. Het spel van water, zand en klei en het afwisselen van uitschuren en neerslaan van sediment geven het ontstaan aan een complexe rivierbedding met slikken, platen, schorren en geulen.
Samenspel van water en land
Na eeuwen van verzanden en opslibben veranderen delen van een estuarium in land. In rivierlandschappen waarin de mens niet ingrijpt, past het water zich aan door uitwegen en nieuwe routes te zoeken. Van bovenuit gezien doet zo’n onaangetast landschap zich voor als een breed vlechtwerk van geulen en armen. Het Verdronken Land van Saeftinghe weerspiegelt nog hoe het alluviale landschap er vroeger moet hebben uitgezien. Vandaag heeft de Westerschelde een meergeulensysteem met hoofd- en nevengeulen. De Zeeschelde heeft dan weer een meanderend karakter met één stroomgeul.
Afwisselende bodem
De bodem van de rivier in het Schelde-estuarium is bij laag water zeer afwisselend. Dan vallen langs de oevers de slikken droog en komen de uitgestrekte platen midden in de stroom boven water. De schorren, dit zijn de begroeide hoogste delen van de slikken, worden enkel bij springtij overspoeld.